Mijn voorbereiding op mijn eerste hooggebergtetrail.
In de eerste dagen van het nieuwe jaar raak ik verwikkeld in een discussie op Facebook over het al dan niet meedoen aan de TDS deze zomer. Een aantal heren en dames zijn van plan om in te schrijven. Aan de ene kant raak ik hier direct erg enthousiast over, de passie van de anderen ontsteekt t alpenvuur in mij. De dromer in mij ziet zichzelf al glibberend en glijdend over zeiknatte alpenweiden omhoog kruipen en stuiterend via rotspaden naar beneden hobbelen. Aan de andere kant zie ik deze race meer als een langere termijn doel. De realist in mij zegt dat ik nog eerst groter moet groeien voor dit soort alpengeweld voor ik zal starten in een zo grote race. Deze race staat nou juist op mijn “wishlist” om ooit te laten zien dat je als laaglander wel degelijk mee kunt doen om de knikkers, maar nog niet in 2013. De vader in mij zegt me daarbij òf juist in de eerste plaats ook nog eens dat net een week na de start van het nieuwe schooljaar de datum van deze race wel erg ongelukkig gekozen is.

Zoals al wel vaker gebleken was leest Gideon Zadoks verscholen in zijn Franse watermolen alles mee. Wederom geeft hij ongevraagd en ongezouten zijn mening over mijn argumenten in een persoonlijke mail. (Zonder dat we t ooit bespraken is deze “topatleet tegen wil en dank” mijn coach en vraagbaak op afstand) Zijn:”Ook leuk voor jou: La Montagnhard (dit jaar 108km & 8800mD+) Doe het nou maar gewoon, of ga met Michiel & mij mee naar Andorra. Groeien doe je het meest door dit soort dingen gewoon te doen.” maakte alle keuzes opeens heel makkelijk. Een trail in de bergen met meer dan 100 km en 8800 hm in de zomervakantie met een relatief klein deelnemersveld. Precies wat ik zocht. De naam is ook nog eens inspirerend: verwijzend naar de medogenloos harde bergen maar ook naar de echte bergbewoners oftewel “montagnards”. Binnen een week was ik ingeschreven.

Na het bepalen van het doel begint t invullen van de weg naar het doel. Bracht mijn coach en vraagbaak op afstand me op het spoor van mijn doel, mijn coach en kriticaster op afstand Mig helpt bij de eerste invulling ervan. Hij maakt me begin januari lekker voor een poging het zuidlimburgse Krijtlandpad samen met hem zo snel mogelijk te lopen. De datum van onze poging de 92 km in één keer te lopen valtl net nadat ik me heb ingeschreven voor de montagnhard en wordt direct mijn langste lange duurloop in het hele proces. Mijn twijfel of ik die afstand uberhaubt wel aankan wordt in één keer weggenomen. Na 12 uur lopen door een besneeuwd zuidlimburg voel ik me nog zo sterk dat een tweede ronde (in mijn dromen) niet onmogelijk is. Niets zo goed voor het zelfvertrouwen dan een half jaar voor dato al voelen dat het kan. De perfecte basis om er dus voor te gaan zorgen dat ik niet alleen kan finishen maar dat ik zo goed voorbereid aan de start sta dat ik ook nog kan gaan strijden voor een mooie klassering. Een paar weken later wordt t gevoel nogmaals bevestigd wanneer ik in mijn uppie twee dagen achtereen een technisch en zeer heuvelachtig gedeelte van de Rheinsteig loop onder Koblenz in Duitsland. Met een gemak waar ik zelf van sta te kijken loop ik twee dagen kilometer na kilometer weg en geniet van zon, sneeuw, regen en mist.

Geen twijfel dus over de afstand, maar de hoogtemeters is een heel ander verhaal. Ik ben zowel omhoog als naar beneden een redelijke loper en vind van mezelf dat zodra je omhoog moet wandelen omdat t te steil wordt om te rennen dat ik nog beter uit de verf kom. Maar poe hé: 8800 positieve hoogtemeters in 107km. De simpele rekensom dat je die hoogte overbrugt in de helft van t aantal kilometers, de andere helft daal je nl. leert dat het gemiddelde stijgingspercentage rond de 16,5% ligt. Omhoog is er helemaal niets te rennen. Nou prijs ik me altijd heel gelukkig met de heuvels van Nijmegen in mijn directe omgeving, maar een klein knagend onderbuik gevoel maakt zich van mij meester: hoe ga ik me hier specifiek op voorbereiden?

Halverwege februari geef ik samen met Gideon een clinic voor MST. Voor een groep atleten proberen wij inzichtelijk te maken wat er voor nodig is om de stap naar een ultratrail te maken. Eén van de programmaonderdelen is een vurig betoog van mijn kant over krachttraining. Al een aantal jaar integreer ik veel krachttraining in mijn trainingen. In mijn presentatie probeer ik iedereen aan de step-ups te krijgen omdat dit dé simulatie van een berg oplopen is. In mijn eigen voorbereiding op de Montagnhard en het ontbreken van bergen in Nederland intensiveer ik vanaf datzelfde moment mijn krachttrainingen en voeg daar vele “step-up” trainingen aan toe. Op een constructie van bierkratten, planken en tape sta ik soms meerder uren intervaltrainingen af te werken in onze keuken in een Nijmeegse vinexwijk. De eerste keer terwijl ik keek naar Kilian’s “summits of my life”. De trainingen lijken oersaai maar met mijn doel helder voor ogen stoot ik keer op keer mijn kop net niet tegen het keukenplafond terwijl ik me in de Alpen waan en zodoende de tijd van mijn leven heb.

Als trainer ben ik groot voorstander van variatie. Géén training mag hetzelfde zijn! Maar deze variatie op hardlopen voelt zelfs voor mij erg groot. Enige twijfel is er wel of ik hier echt beter van ga klimmen. Groot is dan ook mijn opluchting wanneer ik tijdens de Trail de Vulcain al merk dat het klimmen erg goed gaat. Sommige van de vulkanen in deze race zijn zeer steil. Het omhoog stappen gaat makkelijk. Bevestiging is de beste reden om een ingeslagen weg te vervolgen. De step-up trainingen gaan door en regelmatig komt één van mijn dochters ‘s avonds naar beneden met de vraag of Scooter iets zachter mag.

Op de lange weg naar de Montagnhard heb ik nog één tussendoel: La Bouillonnante. Een ruim 50 km lange trail in Ardennen op de grens van Belgie en Frankrijk. De weken voor deze race zet ik mijn lange termijn doel uit mijn hoofd en focus me volledig op deze Ardennenrace. Naast alle nep-hoogtemeters werk ik kortstondig aan mijn snelheid in de heuvels van Nijmegen. Ik ga naar Bouillon om te winnen maar door een terugkerend persoonlijk vijandje genaamd Migraine lukt me dit niet. Wel kom ik ook hier sterker vandaan. De wetenschap dat ik een pittige Ardennentrail goed kan finishen met migraine geeft me t gevoel dat er wel heel wat mis moet gaan tijdens volgende races wil ik beginnen te denken aan stoppen.

Eind mei, zo’n zes weken voor de race, wil ik een keer veel hoogtemeters maken en dan niet in de keuken in die Nijmeegse vinexwijk… Op en neer naar de echte bergen is er gewoon niet bij. Speurend op de kaart van Duitsland kom ik tot de conclusie dat t Sauerland de dichtstbijzijnde plek vanuit Nederland is waar je echte hoogtemeters aan elkaar kunt rijgen. Eén berg springt er in het bijzonder uit. Vanaf de voet van de berg tot de top loopt een lange singletrack. 350 hoogtemeters in slingerende steile lijn omhoog en weer naar beneden. Op een woensdag rij ik voor vijfen weg van huis. Voor achten loop ik in de regen en mist het donkere bos in. Binnen twee en een half uur loop ik 4 keer op en neer naar boven. Bovenop komt de natte sneeuw horizontaal voorbij. Ijs en ijs koud stap ik in de auto en met draaiende motor, de verwarming op voluit en Mumford and Sons keihard uit de boxen trek ik, hevig klappertandend, droge kleren aan en stop wat eten in mijn mik. Een half uur later loop ik opnieuw de regen in. Nog ruim vier uur geniet ik van de mooiste paden, zie alle beesten die je in het Duiste wald verwacht en kom helemaal niemand tegen. Aan het einde van een lange dag rijd ik koud, doodop maar met een glimlach van oor tot oor weer terug naar Nijmegen. Ook de twijfel over of ik door kan gaan bij baggerweer kan ik wegstrepen.

Nu is het begin juli. Minder dan een week te gaan tot de Montagnhard. De hele maand juni heb ik al het gevoel dat ik er klaar voor ben. Elke training die ik uitvoer voelt als extra. Nog fitter dan dit kan niet, of toch? Als ik de Duivelsberg nog één keer op draaf dan… Nog sterker dan dit kan niet, of toch? Als ik nog één extra serie Deadlifts doe dan…
De laatse weken zijn de trainingen korter geworden, de intensiteit hoger. Taperen als een mountainbiker voelt nog altijd heel vertrouwd. Fysiek ben ik helemaal klaar voor mijn race.
De kaart met ingetekende route hangt al weken in de keuken. Elke dag loop ik in gedachte stukjes van de race. De kracht van verbeelding is groot. Wanneer ik in mijn gedachten door de bergen loop, loop ik altijd goed, maar wanneer ik al die hoge toppen zie, de smalle paadjes loodrecht tegen alle hoogtelijnen op zie kruipen lopen de rillingen soms ook over mijn rug… kan ik dit wel? Als ik dan terugdenk aan alles wat ik ervoor heb gedaan weet ik dat ik het kan. Zolang ik maar niet denk dat ik de echte Montagnards de les kan lezen. Tenslotte ben ik maar een laaglander uit een vinexwijk

Splash this around