Nederlanders en de Ardèche is een oude combinatie. In de jaren 70 van de vorige eeuw trokken er velen als hippies heen en nog steeds gaan er vele landgenoten op vakantie. Ik ging er maar eens m’n eerste ’zonnige voorjaars trail’ lopen’ Het werd een trail vol twijfel.

Trail-twijfel bij de start; niemand schijnt echt te weten welke kant we op moeten starten. Uiteindelijk rennen we achter de speaker op z’n ATB aan, die ons na een rondje door het pittoreske Desaignes toch onder de startboog doorleidt. In staf tempo gaat het bergop. Ik heb ambities; checken of m’n veranderde trainingsregime werkt door een goede klassering te lopen. Zo te zien heeft een deel van de 180 starters soortgelijke ambities op deze 98km met 4800 hoogtemeters!

Een laaghangende tak maakt al na 5 km een einde aan die ambitie; een contactlens wordt uit m’n oog geveegd en aan gezien ik zonder lenzen amper m’n voeten kan zien, is dat het einde van gecoördineerd m’n voeten op de keien zetten. Het donker, de mist, de regen en het feit dat ik nu al de helft van de lintjes niet zie maken het niet leuker. M’n bril heb ik strategisch in de auto laten liggen. Na een paar uur strompelen komen we, als het licht wordt, langs watervallen en door een imposante kasteel ruïne. Vast heel mooi. Inmiddels heb ik plan B verzonnen. Bij ravito no 1 op 22 km een lift naar de auto regelen, bril opzetten en dan illegaal de 57 km versie van dit trailfestival lopen. De lift regelen lukt niet en het is te koud om daar lang buiten te wachten. Ik twijfel en ga over op plan C; nog 15 km doorlopen tot aan de hoofdweg en daar afslaan naar de start. Bergop loopt het met één oog vrij aardig maar bergaf is een drama; stappen en schuifelen. Dit wordt een aardige oefening proprioceptie voor de trail in de praktijk. De 56 km is inmiddels ook van start gegaan, onze parkoersen lopen deels gelijk, alleen gaan zij omhoog en wij omlaag. Aanmoedigen en botsingen wisselen elkaar even af. Terwijl het op de bergjes van de Ardèche nog winter is, bloeien in de dalen kersen- en andere bomen, is het eerste gras al gemaaid en maken vogels hun voorjaarskabaal. De regen ruist, de koekoek koekoekt en het peloton glibbert verder…
Plan C vervang ik voor plan D: een rustig tempo van 7 km/u volhouden zonder tempoverlies in de laatste uren van de strijd. Zo maak wordt het een mooie test- en trainingsloop voor de grotere wedstrijden van deze zomer. Tegelijkertijd een mooie DIY-gel test, daarvan heb ik een halve liter bij me. Ravito 2 op 42 km wordt zo bereikt in exact 6 uur. Daar gaat de regen over in natte sneeuw en ik warm m’n handen aan een beker gaarkeuken soep.

Weer wat hoger op de berg baan ik me een weg door een vreemdsoortig besneeuwd struweel, nooit eerder gezien. Nat en koud tot aan je middel. In een rechte lijn omhoog naar een oude kasteel ruïne. De verkleumde vrijwilliger daar maakt wat grappen over ski’s huren. Gisteren had ik ook al zo m’n twijfels toen ik in een dorp, 12 km van de start, bij de plaatselijke grasmaaier- en kettingzaagwinkel ook gemotoriseerde sneeuwruimers zag staan. De sneeuw blijft nu gewoon lekker liggen, het uitzicht is onzichtbaar en van denken aan handschoenen worden m’n handen ook niet warmer. Tijd om het dal weer op te zoeken! Bij de waterpost op een fraai kerkpleintje, hebben de dames het eerder koud dan druk ; aan mij kunnen ze ook al geen water kwijt. We wensen elkaar succes voor de rest van de middag..
Dan de volgende berg weer op, naar ravito 3 op 63 km. Daar heeft de ‘sécurité civile’ het druk met lopers in dekens wikkelen. Weer twijfel ik: doorgaan of niet, bergaf lig ik geregeld plat in de sneeuw. Een paar Ardèche-hippies beheren de ravito en met een buik vol soep en worst stap ik na exact 9 uur de tent uit, de sneeuwstorm in. Plan D werkt, nog maar 5 uur te gaan.
De markering, meestal verfvlekjes op stenen, verdwijnt vaak onder de sneeuwlaag die ruim een decimeter dik is. Met twee lotgenoten stamp ik stevig door al missen we hier en daar een afslag. M’n handen zijn sinds lang gevoelloos en de lol begint er af te gaan. De enige manier om een klein beetje warm te blijven is stevig bewegen ; daar kwamen we voor. We vinden een jongen die, in reddingsdekentjes gewikkeld, langs het pad onderkoeld zit te zijn. Gelukkig komen er een paar zware quads door de sneeuw omhoog gereden. De dik ingepakte bestuurders ontfermen zich direct over het goudkleurige pakket en voeren het af Ik wil naar het dal, daar is het vast iets warmer. Het landschap lijkt hier op een winters Canada. Eerst nog 2 kleine bulten over in de sneeuwjacht voor we de laatste afdaling inzetten. Afdalen blijft moeizaam, de valpartijen tel ik al lang niet meer. De benen draaien nog goed ; de energiehuishouding loopt, voor het eerst in jaren, uiterst soepel. Leve de DIY-gel! Tegen de tijd dat we de kersenbloesem bereiken ligt er nog steeds sneeuw. ‘T is frustrerend dat ik vandaag in die laatste afdaling niet nog wat lopers kan inhalen. Eindelijk wordt het iets warmer, de sneeuw wordt weer gewoon regen. Een paar laatste vlakke kilometers langs de rivier brengen me naar de finish en ik ben weer een leerzame ervaring rijker.

Splash this around