Barkley race report: Where dreams come to die

by | Apr 7, 2016 | Nieuws

Een foto aan de yellow gate van een in elkaar gevouwen hoop mens, licht kalend in zijn kruin, op de website van de Amerikaanse Runnersworld website. How deep can you go?

De foto zegt veel, mij in ieder geval wel. Allereerst zegt de foto dat iemand met een kalende kruin eens stevig na moet denken voordat hij zich inschrijft voor een race die zo zwaar is als de Barkley. Na een eerste rondje van 20 mijl waarbij ik vrijwel in mijn eentje in dik 10 uur strak naar alle dertien boeken navigeerde, wist ik me op de campsite in 25 minuten vol te proppen met een blik ravioli en een blik peren. Daarna liep het allemaal wat minder snel.

Die boeken zijn controlepunten in de race. Uit ieder boek scheur je een pagina die overeenkomt met je wedstrijdnummer. Boek 9 was een boek in Braille-schrift, dit jaar. Aan de yellow gate, de gele slagboom op de campsite  die de start en finishlijn is, telt racedirecteur Laz de dertien pagina’s, alvorens je een nieuw nummer te geven. Onderweg kom je naast wat boeken en water op twee plekken geen vorm van hulp of beschaving tegen.

Je weet nooit lang tevoren wanneer de wedstrijd start. Als het Laz behaagt om het pre-start signaal te geven heb je nog 60 minuten voor de daadwerkelijke start. Dat signaal kan worden gegeven tussen 23.00 uur vrijdag en 11.00 uur zaterdag. Relaxed pre-race slapen is er dus gegarandeerd niet bij. De start was dit jaar laat, om 10.40. Door die late start begon mijn tweede Barkley rondje in het donker.

De start van de Barkley is enigszins schimmig, maar het einde van de race is ronduit confuus. De maximale racetijd is 60 uur voor vijf loops (rondes). Als je drie rondes binnen 40 uur haalt mag je jezelf Funrun ‘finisher’ noemen, hoewel Laz dat eigenlijk nog steeds als een DSQ ziet, wegens overschrijden van de tijdslimiet van 12 uur voor een ronde, die je in de eerste twee loops mag oprekken naar 13.20 uur, om in een volgende ronde te worden toegelaten.  Tachtig procent van de lopers haalt  de tijdslimiet voor het begin van de derde ronde (twee rondes binnen 26.40) niet. Velen weigeren na een ronde binnen de tijdslimiet een nieuwe ronde in te gaan. Een RTC, refuse to continue, in Barkley jargon. Finishen gebeurt niet vaak, er zijn na 30 Barkleys sinds 1986 slechts 15 finishers.

Van de tweede ronde weet ik niet veel meer dan dat ik erg traag bergop liep en dat de ’briars’ (een soort lokale agressieve bramenvariant) zich als nooit tevoren in mijn huid vraten. Ik gidste Dale Haldeway, een veteraan waarmee ik een Barkleygeschiedenis deel, naar boek een tot en met vier. Daarna nam hij de navigatie voor zijn rekening. Gaandeweg de nacht verloren we meer en meer tijd. De ruime 15,5 uur die we hadden voor de tweede ronde werden steeds krapper. Bij boek 9 (Lookout Tower) berekende ik dat het voor mij kansloos was geworden om binnen de tijdslimiet te blijven. Dale was inmiddels vanaf Rat Jaw zonder mij doorgelopen, hij was net wat minder traag dan ik. Mijn plan voor een Funrun met tijdsoverschrijding liet ik varen, het uitlopen van twee rondes binnen de officiële tijd zou nog een hele kluif worden.

Terwijl de laatste twee klimmetjes alles uit mij zogen begonnen in het ochtendlicht de eerste lichte hallucinaties. ‘Where dreams come to die’, was het officiële motto van de Barkley 2016. Laz had als altijd een vooruitziende blik. Zelfs een bescheiden performance zat er niet in dit jaar.
Vlak voor de laatste klim naar Chimney Top werd ik ingehaald door een blond vrouwelijk wezen met vlechten. Het sprak me aan op een manier die te echt was voor een hallucinatie. De loopster, Jennilynn Eaton, spoorde me aan om de laatste afdeling vaart te maken om de binnenkomsttijd voor de tweede ronde (26.40 uur) te halen. Ze stoof door, en mijn warrige brein probeerde te berekenen hoe lang ik nog had. Een uur. En dat is erg krap voor de afdaling van Chimney Top naar de yellow gate, in mijn staat.

Op de een of andere manier lukt het me om drie minuten voor het verstrijken van de tijdslimiet de yellow gate aan te tikken. Ik ben uitgeteld en hoor aan de yellow gate niet wat Laz tegen me zegt en ga pal voor de gate op de grond zitten. Anderen om mij heen roepen zenuwachtig. De tijd tikt. ‘Two minutes’, hoor ik. Mensen trekken aan me en zijn in de weer met mijn rugzak. Ik krijg een zak cashewnoten in mijn gezicht geduwd en ga bijna over mijn nek van de oliegeur. ‘One minute’, hoor ik. Langzaam begrijp ik dat het gaat om de tijd die ik heb om de derde loop te starten. Wat willen ze toch van me? Ik zie Jennilynn, die naast me op de grond zit, opstaan om in te checken voor de derde ronde. ‘Thirty seconds!’ Er wordt nog wat aan me getrokken. Voor de vorm, weten de trekkers. Dan brengt Mike Dobies me een beker bier. It’s over.

Er is veel media aandacht tijdens deze Barkley. Het feit dat deze foto op de site van de Amerikaanse RW versie staat is daar een gevolg van. Iedere stap die racedirecteur Laz zet wordt gefilmd door een tien man sterk Australisch filmteam, die een Australische dame volgt (ook met blonde vlechten). De Australische die als eerste vrouw de Barkley zou moeten gaan finishen, haalt na de eerste ronde al jammerlijk bakzeil, en het filmteam werpt zich op een mogelijk nieuwe verhaallijn.
Die komt niet van de Franse toppers die ook met een filmcrew door het Frozen Head State Park rondwaren. Het Raidlight team met CEO Benoit Laval als joker, brengt niet eens een tweede serie van 13 boekpagina’s op tijd aan de yellow gate. Alle andere fransen sterven ergens tussen loop 1 en 2. Where dreams come to die.

Dan nog die blinde vrouw. Je kunt je al met recht afvragen wat een man met een kalende kruin op dit slagveld te zoeken had. Maar je kunt je nog meer afvragen wat mevrouw Rhonda-Marie Avery daar uit kwam spoken. De Canadese is blind en liep met een gids. Uren nadat de foto van de kalende man is genomen keert de blinde kip terug op de campsite. Na dertig uur zoeken weet ze vier pagina’s uit haar rugzak te toveren. Dat mag gerust een epische gebeuren worden genoemd, van haar en haar geleider. Geen van de deelnemers kan zich voorstellen hoe ze zonder ogen de afdaling na boek één heeft weten te overleven. Haar geleider eigenlijk ook niet.

Uiteindelijk wint Jared Campbell de Barkley in net geen 60 uur. ‘Sorry to let you guys wait for so long’, is zijn eerste reactie aan de yellow gate, maandagavond rond half tien. De camera’s maken overuren. De niet onverdienstelijk lopende Canadees Garry Robbins (recordhouder HURT 100) raakt hopeloos verdwaald in loop vijf, waarin lopers om en om een andere richting moeten lopen. Local hero John Kelly, de derde loper die in rondje vijf start, stort 100 meter na de yellow gate in, richt zich 45 minuten later weer op, maar gooit na boek één toch ook de handdoek in de ring. Gevallen helden.

De oververhitte media aandacht is riskant voor het karakter van de race. Het ergert veel lopers en het mediacircus hoort gevoelsmatig niet bij deze race. Anderzijds trekt een bijzondere race als de Barkley in dit mediageile tijdperk logischerwijs veel aandacht. Laz wordt er vooralsnog niet rijk van en gaat na afloop van de wedstrijd nog eens rond met de pet om de huur van zijn busje te kunnen betalen. Het blijft liefdewerk oud papier. Wellicht dat hij ja zegt op het voorstel om de rechten voor een speelfilm over de Barkley te verkopen, of de race aan nieuwe generaties over te laten, in ruil voor een pensioentje. Iedereen mag daarvan vinden wat hij ervan vindt.

Splash this around